anyone who keeps the ability to see beauty never grows old - Franz Kafka



vrijdag 24 februari 2012

grenzen verleggen...

We hebben veel vrienden die de hele wereld afreizen maar tot nog toe hadden wij geen gelegenheid en ook niet veel behoefte om dit zelf te ondernemen.
Want eigenlijk zijn we geen trekkers. Onze vakanties worden meestal op één, hooguit twee verschillende plaatsen doorgebracht. Vanuit daar verkennen we dan de ruime omgeving. We zijn allebei geen strandliggers of zonaanbidders, dus er moet altijd wel het één en ander ondernomen worden. We gaan meestal naar Frankrijk of Italië, een enkele keer naar Spanje. Vroeger was Engeland vaak een geliefde bestemming en met onze dochters en soms met vrienden maken we wel stedentrips door heel Europa. We hebben ooit een lange trektocht door Marokko gemaakt met een aantal vriendenstellen.
We zouden dit jaar, als gebruikelijk, weer naar Frankrijk.
Maar in onze omgeving gebeuren de laatste jaren steeds meer nare dingen. We hebben meegemaakt dat familie en vrienden stierven, of ernstig ziek werden of lichamelijke beperkingen kregen. Dat bracht ons er toe eens ernstig na te denken over hoe we momenteel zelf functioneren en wat we in ons leven kunnen doen om het levensplezier vast te houden of te verhogen. Dat daarbij onder meer "grenzen verleggen" naar voren kwam was natuurlijk geen verrassing. Want zoals Herman de Coninck zegt: "Reizen is een manier om vragen te stellen die je thuis niet stelt. Niet per se over het land in kwestie maar ook over jezelf".
Nu zijn we nog (redelijk) jong, hebben we de lichamelijke en geestelijke conditie en flexibiliteit om eens uit onze comfortzone te treden.
Daarom hebben we, een voor ons, belangrijke stap gezet!
In het kader van "je grenzen verkennen" hebben Hubbie en ik deze week dus een beslissing genomen. We gaan, deze zomervakantie, heel letterlijk onze grenzen verkennen.
We hebben besloten een trektocht van ruim een maand te gaan maken door Indonesië!
De vliegreis is geboekt maar verder gaan we totaal op de bonnefooi. Gaan reizen door Java en Sumatra en zien wel wat het ons brengt. Natuurlijk lezen we ons wel in en nemen we de voorzorgsmaatregelen in acht, maar verder laten we het gewoon op ons afkomen.
Vrienden van ons gaan mee en we verheugen ons nu al ontzettend op alle belevenissen die we gaan meemaken, want...
REIZEN IS HET HART VERWIJDEN.
Allard Pierson

dinsdag 21 februari 2012

auld reekie...

Wat was onze trip naar Edinburgh geslaagd!
Ze kan weer worden bijgeschreven in de lijst van mooie familieherinneringen.
Edinburgh is een mooie stad en heel gezellig. Veel geschiedenis, tradities, cultuur, muziek, etc. Hij (zij?) ligt aan de oostkust van Schotland, aan de zuidzijde van de Firth of Forth en wordt door Schotten Auld Reekie, Oude Rokerd of Stinkerd, genoemd. Die naam stamt uit de 17de eeuw toen er nog geen riolering was. Maar daar is tegenwoordig niks meer van te merken, ik vond de lucht juist heel fris en helder.
De binnenstad van Edinburgh bestaat uit Old Town en New Town. Sinds 1995 staan beiden op de UNESCO Werelderfgoedlijst. De Old Town heeft een hoofdstraat die de Royal Mile wordt genoemd. Hij loopt van Edinburgh Castle naar Palace of Holyroodhouse en het is een aaneenschakeling van prachtige panden, pubs, kerken, monumenten en winkeltjes met veel kilts, dassen en andere geruite waren. We liepen deze Royal Mile de eerste dag al. En ik denk dat we hem, toen we vertrokken, alles bij elkaar wel 5x hebben gelopen!
Edinburgh heeft circa 450.000 inwoners en het Schotse parlement is er gevestigd. Het nieuwe parlementsgebouw is een merkwaardig, maar wel mooi, supermodern gebouw. Geheel anders dan de omringende panden dus.
We bezochten ook o.a. Edinburgh Castle dat gebouwd is op een vulkanische rots. Het wereldberoemde kasteel ligt hoog boven de stad. Hier worden ook de Schotse Kroonjuwelen bewaard. We kregen een uitgebreide cassettegids mee, die gelukkig in "plain English" was, want het Schots is héél erg moeilijk te verstaan. Gelukkig kon mijn dochter, die haar opleiding in het Engels deed en een tijdje in Londen woonde, er meer van verstaan dan ik.
Ook bezochten we The National Museum of Scotland. Ons viel al eerder op dat de displays in Engelse musea afwijken van wat wij gewend zijn. Het sprak ons niet echt aan, maar wat wel mooi is, is dat veel musea gratis entree hebben.
Een van de hoogtepunten vond ik ook onze (600 kilometer lange!) tocht door de Highlands en naar Loch Ness. Het is een bergachtig, dunbevolkt gebied in het noorden van Schotland. Zowel qua landschap als cultuur verschilt het behoorlijk van het Schotse laagland. Door de Scottish Highlands loopt de Great Glen, een dal dat in de ijstijd door gletsjers is uitgesleten. We zagen tot onze verrassing behoorlijk hoge bergen! Deze zijn duizenden jaren geleden gevormd door langs elkaar schuivende aardplaten en er is nu dus een heuvel- en bergachtig gebied met talloze valleien. Ook ontstonden destijds diverse meren, waaronder het beroemde Loch Ness. Dat is 37 kilometer lang en ongeveer 1,6 kilometer breed en de diepte van het meer is 226 meter. Het water in Loch Ness, trouwens in alle lochs, is het meest heldere water dat er bestaat. Dit komt o.a. door de “peat” in de hooglanden waar het water vanaf de bergen doorheen sijpelt, vertelde de gids. De hoogste berg van de Britse Eilanden is Ben Nevis, onze patriottische gids was er heel trots op! Die gids was overigens een verhaal apart. Gehuld in Schots kilttenue, en met een ADHD-achtige houding en -spraak, was hij goed voor veel onderlinge grappen en hilariteit.
Overigens zie je best veel Schotten in kilts lopen. Er werd in het hotel een gala gehouden voor studenten van een bepaalde opleiding en het was leuk te zien dat veel jonge Schotten in officieel Schots tenue liepen.
Wat deden we nog meer?
We shopten wat, praatten heel wat af, dronken (dure, maar heerlijke) wijntjes..geen whisky voor ons!, lieten decadent ons diner op de kamer bezorgen toen we moe waren, aten in bed en lazen, gelijktijdig, onze Engelstalige boeken. De laatste dag luisterden we nog naar een van de vele bandjes die hier in het weekend optreden.
Gegeten hebben we overigens voornamelijk in pubs, wat we beiden leuk vonden. We lieten de “Black Pudding, de Haggis en de Kidney Pies” aan ons voorbij gaan, maar hebben daarentegen genoten van de heerlijke, al dan niet gerookte, Schotse zalm. We aten o.a. in Greyfriars Place, met het gedenkteken van de terriër Bobby, ook wel "Greyfriars Bobby" genoemd (nadat zijn baasje John Gray, een politieman te Edinburgh, overleed, sliep Bobby gedurende 14 jaar bij het graf van zijn baasje op Greyfriars Kirkyard).
We hadden een mooi hotel, dat erg centraal lag, met vriendelijke bediening en van alle gemakken voorzien. De trip was bijzonder geslaagd, natuurlijk voornamelijk door het wederzijdse leuke gezelschap (!) maar niet in de laatste plaats door de stad zelf.
Edinburgh….ik ben er echt niet voor het laatst geweest, daar ben ik zeker van!







zondag 12 februari 2012

Edinburgh...

Ik heb al eens eerder op dit blog verteld dat wij sinds enkele jaren een familietraditie hebben. Elk jaar gaan Hubbie en ik met één van de dochters een stedentrip maken. Het wisselt uiteraard om het jaar. Dit jaar ga ik met Jongste. Hubbie gaat later dit jaar met Oudste, maar daar zijn enige ontwikkelingen dus hoe dat gaat en waar naar toe moet nog even uitgezocht worden.
Jongste wilde graag naar Edinburgh. Ze is behoorlijk Anglofiel (ondanks haar Deense vriend:-). En dus trekken wij volgende week gezamenlijk naar de Schotse hoofdstad voor een paar mooie dochter-moeder dagen!
Ik kreeg al een leuk reisgidsje van haar toegestuurd. En ik moet zeggen: ik heb er ontzettend veel zin in.
Ik ben dus enige tijd weg!

vrijdag 10 februari 2012

kerstpakket...

Gisteren maakte ik een niet-veel-gebruikte kast schoon. Nu zou dat feit op zich al een logje waard zijn, want geloof me: dat is hier een bijna uniek gebeuren! Maar ik schat in dat veel van mijn lezers dan hier zouden afhaken.
Nee, het gaat ditmaal over iets heel anders! Namelijk over kerstpakketten!
Dat is nog eens een logisch vervolg, hè?
Het zit nl. zo: Hubbie en ik werkten heel veel jaren aan dezelfde hogeschool. Elk jaar kregen we een kerstpakket. Elk jaar kreeg hij ook nog een kerstpakket als raadslid. En als er nu iets is dat ik verspilling vind dan zijn het kerstpakketten.
In bovengenoemde niet-veel-gebruikte kast staat de grootste helft van die kerstpakketten maar te staan. Ik kan aan de voorwerpen zien welk thema er aan verbonden was: twee enorme mokken met een heel groot logo uit het jaar van de fusie. Een set bruine pindaschaaltjes als teken van samenwerking met China. Twee geel-witte mokken met ingegraveerde rietstengels uit de duurzaamheidperiode. Een windlicht van grote gedraaide kronkeltakken vertegenwoordigt het energiethema. Twee dozen met lelijke gerecyclede glazen, ook iets met duurzaamheid, vermoed ik. Twee schalen in knaloranje en twee grote koffiecontainers… waar die voor staan weet ik niet meer. En zo staat er nog het één en ander aan goedbedoelde spullen. Opgeborgen en ogenblikkelijk weer vergeten totdat je ze tegenkomt met een poetsbeurt. En dan moet je weten dat ik drievierde van alles al heb weggegeven (of kapot heb laten vallen). Ik begrijp echt de reden van die pakketten niet. Wie zit er nu te wachten op nog meer spullen? En zeker spullen die je zelf nooit zou kiezen. Bovengenoemde zaken gaan nu bijna allemaal naar de kringloopwinkel. En ik ben ervan overtuigd dat het niet alleen bij ons zo gaat maar bij velen.
Dan heb ik het nog niet eens gehad over die ontelbare potjes, pakjes, blikjes etc. die weggegeven zijn, of toch maar opgegeten omdat het "anders zo zonde is".
De voorlaatste jaren kon je een cadeau kiezen middels een bon en het mooie hiervan was o.a. dat je het ook aan een goed doel kon geven. Zo hadden we het idee dat het geld toch nog nuttig besteed werd.
Dus werkgevers: kunnen we dan alvast één ding afspreken voor Kerstmis 2012??
Geef je personeel iets waar ze zelf een keuze kunnen uit kunnen maken. En laat ze de mogelijkheid het aan een goed doel te besteden. Daar maken jullie heel veel mensen blij mee, dat weet ik zeker.
Misschien uitgezonderd de eigenaar van de kringloopwinkel:-)

dinsdag 7 februari 2012

creativiteit...

Ik denk dat ik in wezen een creatief mens ben. Geen wereldschokkend nieuws maar voor mij een prettige wetenschap. Want op dit moment in mijn leven heb ik daar veel aan.
Eigenlijk voelde ik altijd wel dat er creativiteit in me zat. Het heeft echter nooit gestalte gekregen omdat ik mijn mogelijkheden op dit gebied niet serieus genomen heb. Ik kom uit een hardwerkend, nuchter gezin waar kunst, creativiteit en zelfexpressie niet heel hoog in het vaandel stonden. Alles wat je deed moest toch wel "nut" hebben. Ik heb in mijn jeugd dus weinig tot niets aan creativiteit gedaan, of meegekregen.
Ook in mijn verdere leven is er niet echt iets op gang gekomen.
Het bleef vaak bij wat goede invallen en een paar ideeën die weer verdwenen doordat werk, gezin, dagelijkse beslommeringen om aandacht vroegen. Toen mijn kinderen jong waren hebben we wel heel wat afgeschilderd, -geboetseerd, -getekend, en dergelijke. Maar toen ze ouder werden en ik weer meer ging werken raakte het op de achtergrond. Pas nu heb ik het geduld en de nieuwsgierigheid (en niet te vergeten de tijd!) om weer het één en ander op te pakken.
Gisteren ging ik voor het eerst naar een schilderles. Ik heb daar vooralsnog alleen maar perspectieven zitten tekenen. Maar in mijn hoofd zaten al zo veel beelden om te schilderen dat ik na afloop meteen wat schildersdoeken, penselen en verf heb gekocht.
Maar poeh...na wat schetsen lijkt het me toch beter eerst wat grondbeginselen onder de knie te krijgen:-)
Hoe zit het met jullie creativiteit?

vrijdag 3 februari 2012

verlate kerst...

Ik moet toegeven dat het een fraai gezicht is. Overal waar ik in mijn huis maar uit een raam kijkt is het wit.Een poedersuikerlaag van sneeuw over alle bomen en struiken verandert onze bostuin in een kerstkaart. Hier was ik in december lyrisch over geweest, maar in februari vind ik het niks!Want... lieve mensen... het is al lang Kerst geweest!
Geef mij maar lente!

donderdag 2 februari 2012

tin...

Hebben jullie dat ook? Het idee dat een tinnen bord wel het toppunt van truttigheid is?
Ik herinner me de borden van mijn oma nog. Keurig in het gelid op de schouw in de keuken. Of de borden bij lievelingstante op het dressoir. Ook keurig op een rijtje!
Maar sinds ik een jaartje geleden in De Potstal zag hoe mooi je tin in een sober interieur kunt integreren, ben ik op andere gedachten gekomen. Ik viel als een blok voor de middeleeuws-aandoende, onregelmatige borden.
In eerste instantie kocht ik een oud bord op een brocantemarkt, ergens in de buurt.














Daarna zag ik op MP nog drie prachtexemplaren, compleet met gegraveerde initialen. En die zijn zeker prachtig; ik zie in gedachten een verre voorouder aan een dis zitten met op deze borden een flinke berg vlees:-)
De borden zijn "breed inzetbaar". Ik heb er soms één (of ook wel meerdere) onder een stoer windlicht. En met een stolp erop en iets moois eronder kun je subtiel ergens de aandacht op vestigen. Als presenteerbord doen ze het ook goed; zandgebak kleurt er heel mooi op. En op mijn ijzeren etagere staan ze ook geweldig. Zeker met een paar decoratieve broden er op. En ook antiek glas en sober tin zijn een goede combinatie.














Echt tin, zeker antiek, is erg duur. Je kunt aan de stempels onderop zien of je te maken hebt met echt tin of met de neptinnen borden, die heel vaak worden aangeboden!
Het is dus zaak om écht goede borden op de kop te tikken. Misschien moet je maar eens gaan kijken bij de opgeslagen familieboedel, of een aardige tante lief aankijken:-)

maandag 30 januari 2012

A, B, C.....


Gezien bij Triltaal
(al even geleden).

Hier mijn versie:



Age: 61
Bed size: 180 x 210.
Chore I hate: strijken.
Drink: wijn, liefst rood maar ook wit, rosé, water, thee en koffie.
Essential to start my day: mijn glaasje versgeperste sap.
Favorite color: aarde- en natuurtinten.
Gold or silver: zilver en goud.
Height: 1.70 mtr.
Internet obsession: uhh…nou…ja,dus.
Job title: (was): secretaresse, bibliothecair medewerker.
Kids: twee dochters: Oudste (35 jaar) en Jongste (bijna 33 jaar).
Live: al bijna 38 jaar getrouwd.
Mom’s name: Nellie.
Nicknames: geen (voor zover ik weet dan).
Overnight hospital stays: ongeveer 30 (in mijn kindertijd).
Pet peeve: negatieve mensen.
Quote from a movie: "Mama always said life was like a box of chocolates. You never know what you're gonna get" uit Forrest Gump.
Righty or lefty: rechtshandig.
Siblings: twee oudere zussen.
Time I wake up: sinds ik niet meer werk 8.30 uur. In het weekend soms een uurtje later.
Underwear: ach, welke bloglezer is daar nu in geïnteresseerd?
Vegetables I dislike: lust alles, ligt eraan hoe het is klaargemaakt.
What makes me run late: etentjes (of eigenlijk vooral after-diner gesprekken).
X-rays I’ve had: 2x.
Yummy food I make: stoofschotels, visgerechten, salades, toetjes en gebak.
Zoo animal favorite: apen.

dinsdag 24 januari 2012

Schrijfuitdaging 3: "Verhaaltjes".





BOEKEN...
LEZEN...
LEREN...




Ik ben heel dankbaar dat ik geboren ben met een grote liefde voor lezen.
Dat ik daar mee geboren ben, moet haast wel. Ik kan me tenminste niet herinneren dat er in mijn jeugd bij ons thuis veel gelezen werd of dat ik gestimuleerd werd op dit gebied. Terugdenkend zie ik de kast in de “mooie kamer” die enkele boeken herbergde. Dat waren uitsluitend exemplaren met een fraai kaft, goud-op-snee. En de Bijbel natuurlijk. Ik denk dat die boeken er meer stonden voor de sier dan dat ze echt gelezen werden, de Bijbel uitgezonderd.
Van jongs-af-aan werd ik al geboeid door het geschreven woord. Ik zie mezelf als klein meisje alles lezen wat ik maar te pakken kon krijgen. Op school mocht ik vaak boekjes mee naar huis nemen en mijn buurmeisje was geabonneerd op een kinderblad.
Pas rond mijn twaalfde jaar werden mijn ouders lid van een boekenclub, waarschijnlijk omdat ze mijn gezeur hierover beu waren. Eén keer in de drie maanden mocht er dus een boek worden aangeschaft.
Toen ik, vele jaren later, in “Pride and Prejudice” van Jane Austen de onderstaande zinnen las, paste dat zo ontzettend bij mijn gevoel van vroeger dat ik die zinnen altijd bewaard heb:
“I declare after all
there is no enjoyment like reading!
How much sooner one
tires of any thing than of a book!
When I have a house of my own,
I shall be miserable
if I have not an excellent library.”
Vanaf ongeveer mijn twaalfde werd ik ook lid van de “bieb”. Dat was in ons dorp geen officiële bibliotheek maar een stoffig, oud voorkamertje van een groot huis. Degene die uitleende was zelf minstens zo stoffig als zijn leeswaar en hij slofte op pantoffels van kast naar kast, onderwijl streng oplettend of er geen kinderen naar de “afdeling” voor volwassenen gingen. Als ik mijn ogen dicht doe ruik ik nu nog de oude, muffe geur van dat kamertje. Helaas had je na een paar maanden alles wel gelezen wat er voorhanden was, inclusief de boeken voor volwassenen.
De woorden van Confucius:
“You cannot open a book
without learning something”
vielen bij mij in vruchtbare aarde en toen ik later geld had om zelf boeken te kopen en lid te worden van een normale bibliotheek, was ik helemaal gelukkig.
Vanaf die tijd kon ik ook mijn eigen voorkeur laten gelden. Literatuur kwam in plaats van lectuur (en eerlijk gezegd ook vaak ernaast). De ontdekking dat je jezelf kon ontwikkelen door middel van literatuur vond plaats en ik ging cursussen Nederlandse Literatuur volgen. Later werd ik ook lid van verschillende boekenclubs.
Het volgende citaat (van Jennie Chancey) dat ik tegenkwam sluit goed aan bij mijn gedachte toen over het lezen van literatuur:
“Reading a great work of literature
can truly be likened to having
a conversation with a great mind.”
Vandaag de dag lees ik niet úitsluitend literatuur. Zeker omdat ik nu veel Engels lees, sluipt er wel eens wat luchtigers doorheen. Maar een boek moet toch altijd wel aan bepaalde kwaliteitseisen voldoen, anders geeft het me geen voldoening.
Er is dan ook weinig anders waar ik meer plezier van heb dan van een fijn boek.
Overigens lees ik momenteel “Bonita Avenue” van Peter Buwalda en dat boek kan ik iedereen bijzonder aanbevelen!

woensdag 18 januari 2012

nagenoeg hersteld...

Gelukkig weer nagenoeg hersteld. Waarschijnlijk een beklemde zenuw geweest en niet ontstoken dus. Gelukkig maar: deed al pijn genoeg en duurde al lang genoeg.
Maar met behulp van o.a. morfinepleisters kon ik me verleden week weer ontspannen en dat scheelt natuurlijk veel. En hoewel ik altijd erg voorzichtig ben met medicijnen waren die pleisters wel héél erg fijn! Ik voelde helemaal geen pijn meer en ik heb geslápen!! Twee hele nachten aan één stuk, zo diep en zo heerlijk als ik de laatste jaren nooit meer sliep. Ik kan me nu dus wel wat meer voorstellen bij verslavingen!
Het is dat ik mijn stulpje hier niet wil inruilen voor een doos onder een brug, maar anders....:-)
Ik heb wel wat blogs gelezen maar ik heb een inhaalslag te maken.
Daar ga ik vandaag mee beginnen....

maandag 9 januari 2012

even weg...

Heb een ontstoken zenuw in mijn schouder. Moe, pijn....bah!
Ben even weg!

donderdag 5 januari 2012

Schrijfuitdaging (2)… Een vrije jonge vrouw.

N.a.v. de schrijfuitdaging van Wondelgijn hier mijn tweede bijdrage.
Zoals eerder vermeld: 10 hoofdstuktitels van je favoriete boek en over elke gekozen titel een logje schrijven. Voor mij is dat het boek: “Laten wij aanbidden” van Ann-Marie MacDonald.
(Ik ga overigens de titels door elkaar gebruiken en niet op volgorde).

Een vrije jonge vrouw.
In het boek gaat Kathleen, de oudste dochter van de familie, naar New York, waar ze als operazangeres hoopt te gaan werken. Vanuit haar ouderlijk huis op een eenzame klif in Low Point; een enorme stap voor een jonge vrouw.
Moedig, dapper en ambitieus dus.
Hoe was ik zelf als jonge vrouw, vraag ik me af. Want ja… je moet je natuurlijk wel iets afvragen als je een logje wil schrijven dat hout snijdt, veronderstel ik.
Een jonge vrouw in de jaren zeventig van de vorige eeuw… oei, dat klinkt dus écht oud!
Tja… ik ben erg beschermd opgevoed. In een katholiek milieu, maar gelukkig wel met ouders die minder streng in de leer waren dan hun zussen en broers. Maar niettemin kon er thuis meer niet dan wel. Er was behoorlijk wat druk om “hetzelfde” als iedereen te zijn en geen opzien te baren, in welk opzicht dan ook.
Maar juist in de jaren zestig, zeventig was er een beweging op gang gekomen van jongeren die méér vrijheid en meer uitdaging in hun leven wilden. En ik voelde me daar erg toe aangetrokken. Dat probeerde ik, net als zoveel anderen in die tijd, duidelijk te maken door mijn kledingstijl en haardracht, die mijn ouders verafschuwden. Ik ging naar popconcerten zonder dat mijn ouders het wisten. Ik ging na enige tijd niet meer naar de kerk en ging om met vrienden die mijn ouders afkeurden.
Op school liet ik, tijdens de godsdienstles, provocerend het boek van Gerard Reve “Nader tot U” op de hoek van mijn lessenaar liggen. De priester die les gaf, maaide het met één zwaai van de tafel en riep me na de les bij zich. Ik stemde PvdA, tot grote schrik van thuis, waar altijd op een katholieke partij werd gestemd. Ik voelde me echter wereldwijs en genoot van alles waar mijn ouders fel tegen gekant waren.
Was ik dus een vrije jonge vrouw? Nou, dat ook weer niet!
Want hoewel ik veel dingen deed die niet eerder in ons gezin voorkwamen, bleef ik toch altijd aan de veilige kant. En hoewel ik het haat om te zeggen, diep in mij zat altijd dat stemmetje dat zei dat ik toch niet te veel mocht afwijken, dat ik me toch moest aantrekken wat anderen over me zeiden. Pas véél later kon ik dat enigszins loslaten.
Was ik moedig, ambitieus?
Moedig niet. Ambitieus ook niet, weet ik nu. Gelukkig heb ik in mijn latere leven die twee eigenschappen toch nog enigszins kunnen ontwikkelen. Maar dat heeft wel tijd gekost en dat laatste was niet makkelijk met een gezin te combineren.
Ik kan dan ook met weemoed kijken naar de jonge, vrije vrouwen van nu. En hoewel ik weet dat niet alles wat je ziet ook echt klopt: ik heb wel bewondering voor die vrouwen die zelfbewust op weg zijn naar hun eigen doel, zonder zich te laten weerhouden door verwachtingen die anderen van hen hebben.